18-06-07

Aanvaarding

Terwijl ik naar huis terugkeer. Zie hoe de nacht valt. Vraag ik me af: wat ging er fout met mijn spraak. Wat is me toch overkomen. De eerste zin was luid en krachtig. Ik was blij: het zou lukken. Iedereen keek naar me op. Ik voelde een trots. Ik had mijn best gedaan. Traag en moeizaam. Maar plots was die prop daar weer. Helaas, alle vlotheid weer weg. Hoe meer ik erover nadacht. Hoe meer ik mezelf verachtte. Eens te meer had ik te hoog gemikt. Nog maar eens over mijn grens gegaan. Toen dacht ik; dit kan niet meer. Ik begrijp het niet meer. Hoe meer ik mezelf trachtte te bewijzen. Des te groter mijn mislukking. Vergeten en zonder vrienden. Mijn hart was zwaar als een steen. Ik was nergens goed voor, zonder stem. Ik kon niet alleen verder. De nacht viel, rusteloos in mijn gebeden. Ik vroeg God: luister naar mij. Waarom had je me weer ontgoocheld. Terwijl anderen wel kansen kregen. Mijn probleem woog zo zwaar. Ik zocht een uitweg, iemand bij wie ik terecht kon, die me kende. Het kon zo niet meer verder. De nacht was over. De dageraad, zeggen ze brengt raad. In de anderen rond mij voelde ik me minder eenzaam, minder radeloos. Hoe meer ik naar de andere trok, hoe ik zijn problemen leerde kennen. De mijn waren niet zo erg. Ik wist: er is nog veel te doen. Het stotteren zal niet stoppen. Dat weet ik wel, mijn beslissing is te aanvaarden. Zonder ontkennen of verdrukken. Stotteren is een deel van mij. Ik aanvaard het nu. Als dat mijn kruis is. God, dan is dat goed voor mij. Ik keer terug naar huis. Door de stille nacht. Stotteren heeft me nog in haar macht. Maar morgen aanvaard ik dat toch. ('Aanvaarding' is een gedicht van de stotterende priester Dirk Vannetelbosch uit Brussel. Hij schreef het voor de Britse zelfhulpgroep van stotteraars.)

18:06 Gepost door Zeemeeuw in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: aanvaarding, stotteren, priester |  Facebook |

31-01-07

Een stotterende priester

,,God, waarom moet ik stamelen?''Stotterende priester Dirk Vannetelbosch draagt zondag de mis op in het Brussels. Priester Dirk Vannetelbosch (41) stottert. Toch functioneert hij optimaal in zijn parochie in Jette. Zondag draagt hij er zelfs weer een fel opgemerkte mis in het Brussels dialect op. ,,Soms, wanneer ik weer niet uit mijn woorden geraakt achter het altaar denk ik wel eens: allé God, kom mij helpen want ik ben hier toch voor uw winkel bezig.'' Het eerste contact met de pastoor ging via de gsm. We maakten een afspraak voor een interview over de dialectmis van zondag. Al bij het eerste woord hoorde ik het: die man stottert. ,,Maar toen jij mij de dag nadien opbelde om de interviewafspraak te verplaatsen, u was daar een beetje zenuwachtig over, hoorde ik ook meteen dat u een stotteraar bent'', zegt de pastoor me wanneer we elkaar uiteindelijk treffen in een café vlakbij zijn kerk in Jette. Ik bent blij dat hij dat onmiddellijk doorhad en niet dacht dat ik hem imiteerde. ,,Dat heb ik geen moment gedacht. Echte stotteraars herkennen elkaar altijd meteen'', zegt pastoor Dirk. Stond uw spraakgebrek uw keuze om priester te worden nooit in de weg? ,,Ik had al op heel jonge leeftijd een priesterroeping. Op mijn achttiende had ik een afspraak voor een gesprek in het Groot Seminarie. Maar ik bleef de definitieve datum altijd maar achteruitschuiven. Ik werd geplaagd door nare bijgedachten. Wie studeert nu nog priester? Je moet er wel een beetje gek voor zijn. Om dan ook nog eens het priesterambt zelf uit te oefenen moet je wel helemaal getikt zijn want dan geef je al je vrijheid op om je helemaal aan de medemens te geven. Nee, ik zou wel iets anders kiezen in mijn leven.'' ,,Ik koos voor studies boekhoudkunde en fiscaliteit. Dat ik met die studies een job zou kunnen doen waarbij maar heel weinig contact met andere mensen nodig was, speelde zeker mee in mijn keuze. Na mijn studies ben ik bij de Cera-bank gaan werken. Ik zat bij de cel die de transacties van vreemde munten bijhield.'' ,,Maar de roeping tot het priesterschap bleef. Ik wil gewoon Jezus bij de mensen brengen, meer niet. De kerk is een uitstekend middel om dat te doen. Ik heb toch zelf via de kerk Jezus leren kennen. Ik geloof er nog in. Na alles wat ze heeft meegemaakt bestaat de vzw God en Zoon toch nog altijd.'' ,,Op mijn achtentwintigste ben ik dan toch aan de priesterstudies begonnen, zij het in het systeem van de late roepingen. Dan kan je tijdens de week blijven werken en ga je in het weekeinde je studies doen. Pas wanneer ik een half jaar bezig was, heb ik het mijn ouders verteld. Mijn collega's op het werk hebben het maar geweten wanneer ik vier jaar bezig was.'' ,,Mijn studies boekhoudkunde zijn niet helemaal weggegooide moeite. Als priester heb je ook vaak te maken met rekeningen. Het geld dat binnenkomt, controleer ik nooit. Maar alles wat we uitgeven, heb ik eerst grondig bekeken.'' Tijdens uw priesteropleiding moet toch zijn opgevallen dat u stottert. kreeg u begeleiding van het bisdom? ,,Ik trok toen al bijna wekelijks naar een zelfhulpgroep in Antwerpen. Meer dan acht jaar ging ik er heen. Ik leerde er vooral mijn spraakgebrek aanvaarden. Pas wanneer je die stap hebt gezet, kan het beter gaan. Ik heb onder andere ook nog de Hausdörfer-therapie gevolgd. Dat is een beetje een trage en zangerige manier van spreken. Alsof je uit Limburg komt. Het is echt niet aan mij om hier voor de ene of de andere therapie reclame te maken.'' Hoe lang stottert u al? ,,Ik heb zelf geen herinneringen aan het moment dat het begonnen is. Ik was linkshandig en op school hebben ze me dat afgeleerd. Mijn stotteren zou dan zijn begonnen.'' ,,Sommigen zeggen dat je als stotteraar bent geboren, dat het erfelijk bepaald is. De wetenschap kan nu al zeer veel. Zij kan bijvoorbeeld al genetische afwijkingen bij foetussen in de baarmoeder zien.'' ,,Veel ouders baseren zich daarop om tot een abortus te beslissen. Ik ben bang dat er een dag komt waarop stotteraars al in de baarmoeder zijn te detecteren. Indien dat in mijn tijd al kon, was ik misschien was ik nooit geboren. Terwijl ik juist vind dat stotteren voor mij een mooie uitdaging is.'' U bent soms kwaad op God. Dat lees ik in een gedicht dat u schreef voor een organisatie van Britse stotteraars. In het gedicht Aanvaarding schrijf je dat stotteren je eenzaam maakt en dat je het gevoel hebt dat God je verliet ,,Ik kan nu nog altijd ferm boos zijn op God. Dan denk ik: waarom toch ben ik een stotteraar? Ik tracht God dan een beetje te chanteren: komaan, help me eens, want ik werk toch voor uw winkel. Het is soms zo frustrerend. Je bent de mis aan het doen, alles gaat vlot en dan plots is er geen doorkomen meer aan. Je begint weer maar eens te stotteren. Al het positieve dat je de voorbije maanden opbouwde wordt in een keer kapotgeslagen. Voor de zoveelste maal willen de woorden er niet uit komen. Dan kijk ik naar boven en ik weet: God zwijgt. Het is aan mij om erdoor te komen.'' Hoe doet u dat? ,,Ze zeggen: je moet kalm blijven. En skiën. Je weet wel: wanneer je voor een woord staat dat je niet kan uitspreken, zoek je gauw een synoniem of een omschrijving Met als gevolg dat je tijdens die omschrijving misschien weer ergens voor de brug staat.'' Maar tijdens de mis kan u toch niet skiën. U moet vaak geijkte formules voorlezen, zoals het Onze Vader . ,, Ik kan de Heer op mijn blote knieën danken omdat het Onze Vader met een klinker begint. Het is altijd gemakkelijk om klinkers uit te spreken. Indien dat gebed met een medeklinker begon, had ik misschien nog eens nagedacht eer ik me tot priester liet wijden. Of ik had mijn eerste plan uitgevoerd: ziekenhuispriester worden zodat ik geen missen moest opdragen.'' ,,Soms durf ik al eens de voorgeschreven teksten veranderen. Barmhartige God wordt dan: God vol van barmhartigheid. Dat omschrijven gaat niet altijd. Wanneer mensen mijn naam vragen, moet ik wel Dirk zeggen. De D is een aartsmoeilijke letter om mee te beginnen. Ook met mijn familienaam heb ik het als stotteraar niet getroffen: Vannetelbosch.'' ,,Namen zijn altijd moeilijk. Daarom heb ik graag iemands rechtstreeks nummer op zijn werk. Wanneer eerst de receptionist me de naam van de persoon die ik zoek vraagt, blokkeer ik meestal.'' Doen mensen niet raar wanneer ze u voor het eerst ontmoeten? ,,Bij een overlijden neemt de begrafenisondernemer eerst contact op met de familie. Zo is het ijs al een beetje gebroken wanneer ik langskom. Het gebeurt soms dat mensen me vlakaf vragen of ik als stotteraar wel een mis kan opdragen. Dan antwoord ik altijd: neen. Eenmaal had een dame me echt zenuwachtig gemaakt. Toch ging die dienst wonderbaarlijk goed. Tijdens de Franstalige homilie was ik helemaal op dreef, zonder haperen. Ik zag de dame beschaamd wegkruipen in de kraag van haar jas terwijl de koster bemoedigend zijn duim opstak naar mij.'' ,,Het feit dat Brussel een tweetalige stad is, verergert het stotteren toch wel. Je moet constant tussen de twee talen switchen wat op zich al niet makkelijk is.'' ,,Het is goed dat we eens openhartig over stotteren praten. Zodat mensen kunnen lezen dat je ondanks die handicap toch je levensdroom kan waarmaken. Al is dat niet evident. Met stotteraars is het eigenlijk altijd kantje boord. Ik ken er die door hun stotteren in een beschutte werkplaats gaan werken.'' Wanneer stottert u meest? ,,Wanneer ik moe ben of wanneer ik alcohol heb gedronken. Of wanneer ik iets nieuws moet gaan doen. Een voorbeeld. Zondag draag ik al voor de derde maal de dialectmis op. Daarvoor ben ik niet meer echt zenuwachtig, dus dat zal wel goed gaan. Maar sinds begin dit jaar heb ik er een nieuwe parochie bij. Wanneer ik me daar ga voorstellen, zal het spreken weer moeilijk gaan. Wanneer het te erg wordt, zeg ik tegen de mensen: ik neem even een pauze.'' Ondanks uw spraakgebrek doet u vaak opvallende dingen voor grote groepen mensen. Samen met de Franse rockpriester Père Gilbert - bekend sinds hij prins Laurent en prinses Claire trouwde - droeg u een openluchtmis op tijdens het muziekfestival Rockardinal. ,,Het jaar voordien was ik bij Gilbert op bezoek geweest in Frankrijk. Bij het afscheid spraken we af dat hij de volgende maal naar België zou komen. Tijdens het brainstormen over Rockardinal stelde ik voor Père Gilbert uit te nodigen voor een eucharistieviering. Ik belde hem op en hij is meteen afgekomen.'' En zondag draagt u weer de dialectmis op. Is dat niet elk jaar dezelfde? ,,Toch niet. Onder andere mijn preek is telkens anders. Dit jaar gaat het over een verdwaalde ster, want zondag is het Driekoningen. Ik alludeer op het restaurant Comme chez Soi dat zijn ster kwijt is en ik eindig met de gedachte dat de ster best zou gaan naar een resto du coeur . Ik heb mij tekst eerst zelf in het Brussels neergeschreven en dan ter verbetering voorgelegd aan de kenner van de Speegelmanne.'' Paul Demeyer. Bron: Het Nieuwsblad - 06/01/2007

18:08 Gepost door Zeemeeuw in Actualiteit | Permalink | Commentaren (2) | Tags: priester, pastoor, mis, kerk |  Facebook |